Brouns schrijft Wallonië en Frankrijk aan over vervuiling Maas “Proper drinkwater begint stroomopwaarts: Vlaanderen en Nederland kunnen dit niet alleen oplossen”

Vlaams minister van Omgeving Jo Brouns vraagt Wallonië en Frankrijk om meer inspanningen te leveren voor de bescherming van de Maas als bron van drinkwater. Naar aanleiding van het nieuwe jaarrapport van RIWA-Maas schrijft hij zijn bevoegde Waalse en Franse collega’s aan. Brouns wil snel politiek overleg en bindende grensoverschrijdende afspraken over lozingen, vergunningen, monitoring en alarmering.

Het jaarrapport over 2025 maakt duidelijk dat de waterkwaliteit van de Maas onder druk blijft staan. Van de 679 onderzochte parameters die aan een streefwaarde konden worden getoetst, overschreden er 69 minstens één keer die waarde. Drinkwaterbedrijven moesten in 2025 door verontreiniging 56 keer de inname van Maaswater beperken of volledig stopzetten. Over alle innamepunten samen werd de normale werking gedurende 4.610 uur verstoord.

Het meest opvallende incident was een illegale lozing van het bestrijdingsmiddel propamocarb vanuit Wallonië. Daardoor kon het Nederlandse drinkwaterbedrijf WML gedurende ongeveer drie maanden geen Maaswater innemen. Ook andere drinkwaterbedrijven ondervonden gevolgen. Om de bron te vinden, moesten in Wallonië waterstalen op ongeveer tachtig meetpunten worden onderzocht. Uiteindelijk werd een bedrijf in de omgeving van Luik als vermoedelijke lozer geïdentificeerd.

“De Waalse diensten hebben de bron uiteindelijk opgespoord en zijn opgetreden. Dat verdient erkenning. Maar het feit dat één illegale lozing de drinkwaterproductie maandenlang kan verstoren, toont dat ons huidige systeem te traag en te versnipperd werkt”, zegt Brouns. “Water stopt niet aan een gewest- of landsgrens. De gevolgen van een lozing stroomopwaarts worden door miljoenen mensen stroomafwaarts gedragen.”

De Maas is een bron van drinkwater voor ongeveer zeven miljoen mensen in België en Nederland. Vlaanderen is voor de toevoer van Maaswater naar het Albertkanaal bovendien volledig afhankelijk van water dat via Frankrijk en Wallonië wordt aangevoerd.

“Wat in Wallonië en Frankrijk in de rivier terechtkomt, heeft rechtstreeks gevolgen voor onze drinkwatervoorziening.  Vlaanderen en Nederland kunnen niet telkens de poort sluiten wanneer de vervuiling al is aangekomen. We moeten verontreiniging voorkomen en veel sneller kunnen ingrijpen aan de bron. Daarom verwacht ik dat ook Wallonië en Frankrijk een versnelling hoger schakelen”, aldus Brouns.

Bindend drinkwaterverdrag

De Vlaamse Regering nam grensoverschrijdende bronbescherming al op in haar Drinkwaterplan. Brouns wil nu werk maken van een nieuw interregionaal drinkwaterverdrag voor de Maas en de Schelde. Daarin moeten bindende afspraken komen over:

  • de preventie en aanpak van grensoverschrijdende verontreiniging;

  • de uitwisseling van informatie over lozingsvergunningen;

  • een actueel en gezamenlijk overzicht van rechtstreekse en indirecte lozingen;

  • gezamenlijke monitoring en snellere bronopsporing;

  • de afstemming van normen en vergunningsvoorwaarden;

  • snellere en beter op elkaar afgestemde alarmeringssystemen;

  • bijkomende maatregelen tijdens droogte en lage rivierafvoeren, wanneer vervuilende stoffen minder worden verdund.

Brouns vraagt daarnaast om binnen de Internationale Maascommissie en de Internationale Scheldecommissie formeel een politiek overlegorgaan te installeren. Ook de Europese Commissie moet volgens Vlaanderen bij die gesprekken worden betrokken.

“Vlaanderen en Nederland zijn klaar om duidelijke en bindende afspraken te maken. Met mijn brief wil ik ook Wallonië en Frankrijk rond de tafel krijgen. Dit gaat niet over elkaar met de vinger wijzen, maar over gedeelde verantwoordelijkheid. Wie stroomopwaarts mee beslist over vergunningen en lozingen, draagt ook verantwoordelijkheid voor het drinkwater stroomafwaarts”, besluit Brouns.

Volgende
Volgende

Jo Brouns springt in het open zwemwater van de Paalse Plas in Beringen