Minister Brouns verleent nieuwe vergunning voor Luchthaven Oostende-Brugge

Vlaams minister van Omgeving Jo Brouns verleent een nieuwe omgevingsvergunning voor de verdere exploitatie van de Luchthaven Oostende-Brugge. De beslissing volgt op de vernietiging van het vorige vergunningsbesluit door de rechter. De aangepaste aanvraag en het geactualiseerde onderzoek naar de gevolgen voor mens en milieu vormen de basis voor de nieuwe vergunning, met duidelijke voorwaarden voor de exploitatie en de opvolging van de effecten op de omgeving.

De nieuwe omgevingsvergunning heeft betrekking op de verdere exploitatie van de Luchthaven Oostende-Brugge aan de Nieuwpoortsesteenweg in Oostende. De vergunning geldt voor onbepaalde duur.

Bij de beoordeling is rekening gehouden met de uitspraak van de rechter op 16 april 2026, die het vorige ministeriële besluit vernietigde. De exploitant van de luchthaven diende daarop een aangepaste aanvraag in. Ook het onderzoek naar de gevolgen voor mens en milieu en voor de nabijgelegen natuurgebieden, werd geactualiseerd. De nieuwe beslissing zet de opmerkingen van de rechter om in duidelijkere en bindende voorwaarden voor de verdere uitbating.

Minister Jo Brouns: “De nieuwe vergunning biedt een duidelijk kader voor de verdere exploitatie van de luchthaven. De luchthaven van Oostende-Brugge vervult een belangrijke economische en logistieke rol voor onze regio, maar de activiteiten moeten op een zorgvuldige manier worden georganiseerd. Door duidelijke voorwaarden te combineren met monitoring en evaluatie, beogen we een evenwicht tussen de werking van de luchthaven en de bescherming van de omgeving.”

Beperken hinder voor omgeving

De vergunning bevat verschillende maatregelen om de hinder voor de omgeving te beperken. Zo wordt het maximaal aantal vrachtvluchten gehalveerd ten opzichte van het oorspronkelijke groeiscenario dat in het milieueffectrapport werd onderzocht. Daarnaast gelden voorwaarden voor trainingsvluchten, nachtvluchten, motortests en het gebruik van hulpmotoren van vliegtuigen. Op zon- en feestdagen zijn geen trainingsvluchten toegelaten en airshows worden verboden.

Ook voor het geluid van de luchthaven worden duidelijke grenzen opgelegd. Nachtelijk vliegverkeer wordt opgevolgd via een systeem dat de geluidsruimte bewaakt. Daarnaast worden geluidscontouren, piekgeluiden, ernstige hinder en slaapverstoring jaarlijks gemonitord. Wanneer de vastgelegde drempels worden overschreden, moeten bijkomende maatregelen worden genomen.

Verder wordt het gebruik van start- en landingsbanen gestuurd om de hinder voor omwonenden zoveel mogelijk te beperken. Wanneer de operationele omstandigheden het toelaten, wordt daarbij maximaal rekening gehouden met de impact op de omliggende woongebieden.

Systematische opvolging

De luchthavenuitbater moet de effecten van de luchthavenactiviteiten op de omgeving systematisch opvolgen. Geluidscontouren, meetgegevens, piekgeluiden en gegevens over ernstige hinder en slaapverstoring worden periodiek geëvalueerd.

Een monitoringscommissie volgt de uitvoering op van de vergunning en het monitoringsplan. Ze bespreekt de resultaten van de metingen en rapporteringen, evenals eventuele klachten uit de omgeving. Op basis daarvan kan worden nagegaan of de opgelegde voorwaarden worden nageleefd en of bijkomende maatregelen nodig zijn. De commissie zorgt zo voor een structurele opvolging en regelmatige evaluatie van de effecten van de luchthavenactiviteiten.

 

Volgende
Volgende

Minister Brouns verleent vergunning voor vernieuwing veersteiger in Doel