Een bos bezitten brengt heel wat vragen mee. Hoe houd je het gezond? Welke beheerwerken zijn nodig? En welke vergunningen of subsidies komen daarbij kijken? Bosgroepen helpen eigenaars om daar hun weg in te vinden. Vlaams minister van Omgeving en Landbouw Jo Brouns geeft die begeleiding een steviger, structurele financiële basis. Voor de periode 2027–2029 voorziet het voorstel ruim 2,8 miljoen euro Vlaamse ondersteuning.
Bosgroepen zijn samenwerkingsverbanden van en voor private en openbare boseigenaars. Ze brengen eigenaars samen, helpen (gezamenlijke) beheerplannen voorbereiden en ondersteunen de technische uitveoring van het bosbeheer. Zo kunnen ook eigenaars van kleinere bospercelen rekenen op kennis en begeleiding.
De provincies financieren de basiswerking van de bosgroepen. Met de nieuwe regeling wil Brouns daarnaast de Vlaamse ondersteuning voor specifieke natuur- en bosdoelen structureel verankeren. De financiering wordt telkens voor een periode van drie jaar vastgelegd, met een jaarlijkse toekenning van de subsidies.
“Wie een bos bezit en er goed voor wil zorgen en zo bijdragen aan de Vlaamse beleidsdoelen, moet kunnen rekenen op deskundige begeleiding. Welke ingrepen zijn nodig? Hoe pak je die samen met andere eigenaars aan? En welke vergunning of ondersteuning heb je daarvoor nodig? Bosgroepen helpen om van die vragen een werkbaar plan te maken. We willen hun meer zekerheid geven om dat werk voort te zetten”, zegt minister Jo Brouns.
Boseigenaars helpen om bos goed te beheren
De Vlaamse ondersteuning richt zich onder meer op het begeleiden van boseigenaars bij natuurbeheerplannen en het realiseren van de bosdoelen binnen Natura 2000, het Europese netwerk van beschermde natuurgebieden.
Een beheerplan helpt om keuzes voor een bos op langere termijn vast te leggen. De bosgroepen ondersteunen eigenaars bij de voorbereiding en opmaak daarvan en helpen om het beheer op het terrein te realiseren. Ook voor vergunnings- en subsidieaanvragen krijgen zij een loketfunctie: eigenaars begeleiden, aanvragen helpen voorbereiden en de verschillende stappen op elkaar afstemmen.
Wanneer het Vlaamse Natuurherstelplan van kracht wordt, kunnen de bosgroepen ook bijdragen aan de uitvoering van de daarin opgenomen natuurherstelmaatregelen.
“Onze natuurdoelen realiseren we uiteraard ook samen met de mensen die een bos bezitten en beheren. Het overgrote gedeelte van de bossen zijn immers in privaat bezit Zij kennen hun terrein en willen ermee vooruit. Door hun begeleiding te ondersteunen, helpen we hen om doordachte keuzes te maken voor hun bos en de natuur die ervan afhankelijk is”, aldus Brouns.
Meer zekerheid om vooruit te plannen
De nieuwe regeling verbindt de Vlaamse ondersteuning aan een meerjarig beleidsplan per bosgroep en jaarlijkse actieplannen. Daarin wordt duidelijk welke opdrachten de bosgroepen opnemen en hoe die bijdragen aan de Vlaamse beleidsprioriteiten.
Vlaanderen, de provincies en de bosgroepen bespreken tweemaal per jaar de uitvoering en de resultaten. In 2028 is een eerste tussentijdse evaluatie voorzien. Als de focus van de opdrachten veranderen, kunnen ook de afspraken over de financiering worden herbekeken.
De ondersteuning bouwt voort op de bestaande samenwerking. Voor bosuitbreiding bestaat tot en met 2029 een afzonderlijke samenwerkingsovereenkomst. Die kan later in de nieuwe regeling worden opgenomen.
Samenwerking met de provincies
De provincies blijven bevoegd voor de erkenning, subsidiëring en opvolging van de bosgroepen. De Vlaamse middelen lopen via de provincies en ondersteunen de projectwerking voor Vlaamse natuur- en bosdoelen.
Door te werken met gezamenlijke digitale sjablonen en een beperkte set indicatoren om de voortgang op te volgen wordt de administratieve last tot een strikt minimum beperkt.
De Koepel van de Vlaamse Bosgroepen krijgt een rol in kennisdeling, samenwerking en de uitwisseling tussen de bosgroepen en de Vlaamse overheid.
