Van Eeklose jenever tot Kempense zwarte pens: vijf nieuwe producten mogen label STREEKPRODUCT.be dragen
Vlaams minister van Landbouw Jo Brouns verwelkomt vijf nieuwe Vlaamse streekproducten nadat ze zijn goedgekeurd door de Sector Streekproducten van VLAM. Het gaat om hop en hopscheuten uit Asse-Aalst, Eeklose jenever van Stokerij Borrel, rundvet, Kempens smout en Kempense zwarte pens van Keurslagerij Van Hoof in Mol. “Deze producenten houden met passie en vakmanschap ons culinair erfgoed levend. De trots op onze streekproducten mogen we in Vlaanderen nog veel meer uitdragen”, zegt Vlaams minister Jo Brouns.
Elk jaar voorziet het Steunpunt Streekproducten in de schoot van VLAM (Vlaams Centrum voor Agro-en Visserijmarketing vzw) drie erkenningsrondes voor Vlaamse traditionele streekproducten. De Beoordelingscommissie, die samengesteld is uit specialisten uit alle voedingsdomeinen, onderzoekt de aanvragen en adviseert de Sectorgroep Streekproducten van VLAM, die beslist over de erkenningen.
De Beoordelingscommissie toetst de producten aan de 5 Streekproduct.be-criteria waaraan een traditioneel streekproduct moet voldoen. In de erkenningsronde van oktober 2026 kregen vijf producten het label STREEKPRODUCT.be: hop en hopscheuten uit Asse-Aalst, Eeklose jenever van Stokerij Bolle, rundvet, Kempens smout en Kempense zwarte pens van Keurslagerij Van Hoof in Mol De aanvragers mogen voortaan het label STREEKPRODUCT.be gebruiken op hun product en in hun communicatie.
Vlaams minister van Landbouw Jo Brouns: “Het label STREEKPRODUCT.be staat voor traditie en faam in eigen streek en helpt consumenten om bewust te kiezen voor streekproducten. Zo zetten we onze Vlaamse streekproducten en de producenten die ze met passie en vakmanschap maken in de kijker, en dragen we ons rijk culinair erfgoed over naar volgende generaties.”
Hieronder volgt een toelichting bij de nieuw erkende Vlaamse streekproducten.
Vlaanderen was tot begin 19de eeuw de hoptuin van Europa. In 1929 zien we in een landbouwtelling nog slechts 2 Vlaamse regio’s met hopteelt: Poperinge en Asse-Aalst.
De vzw ‘Orde van de Groene Bel’ is een coöpreatieve van hopbieren die werd opgericht om de teelt in de streek van Asse-Aalst te behouden. De hopboeren kiezen bewust voor de traditionele lokale rassen met een duidelijke band met de bodem en de streek. De streekhop bij uitstek is de ‘Groene Bel’, een bittere hop met een fris aroma. Daarnaast nam de “Coigneau” een belangrijke plaats in, deze minder bittere hop geniet de voorkeur van de lambiekbrouwers. OoK ‘Record’, een prima dubbeldoelhop, mag niet ontbreken.
Stokerij Van Hoorebeke is een instituut in Eeklo en gaat terug tot de 18de eeuw. Vlak na WOII werd de productie stopgezet, maar de gebouwen van de stokerij worden sindsdien wel als erfgoed beschermd.
Van Hoorebeke bleef bovendien een sterk jenevermerk dat in handen kwam verschillende opeenvolgende stokerijen, waaronder Filliers. Oude bronnen bevestigen bovendien de traditie van jenever stoken in het Eeklose.
Céline en Dries Billiet van Stokerij Borrel brachten de Eeklose jenever terug naar Eeklo. Ze kiezen voor het traditionele recept zonder houtlagering. De heldere jenever smaakt zacht en haalt zijn kruidigheid uit jeneverbessen, koriandergranen en andere kruiden die bij de laatste distillatie worden toegevoegd. Ook de typische fles met in reliëf de vermelding ‘Van Hoorebeke Frères Eeklo’ en een vintage etiket zorgen voor een duidelijk link met het verleden.
Bij onze Belgische friettraditie spelen niet alleen de aardappelen een rol maar ook het frituurvet. Elke Belg kent de typische geur van frietjes gebakken in “ossenvet”.
Rundvet is een typisch beenhouwersproduct, in tegenstelling tot smout, dat bij de thuisslacht hoorde. De beenhouwer selecteert het juiste vet, of beter gezegd ‘talg’ van het rund: niervet, plukvet en broekvet. Dit wordt zo vers mogelijk en zonder vlees- of bloedresten verzameld, langzaam gesmolten aan 45 à 47°C en snel afgekoeld tot kwalitatief rundvet. De kleur van het vet varieert naargelang het ras en de voeding van de runderen.
Keurslager Van Hoof uit Mol houdt de traditie van het vetsmelten in ere; zijn klanten zijn fan. Het rundvet is zuiver en kan hierdoor zowel voor bakken als frituren gebruikt worden.
De grondstof van smout is zuiver varkensspek. Keurslager Van Hoof gebruikt liesvet om mooi zuiver en smeuïg smout te bekomen. Want hier ligt het verschil tussen smout en rundvet: op kamertemperatuur blijft smout smeerbaar, rundvet wordt hard.
Smout maakte vroeger deel uit van de stevige dagelijkse kost, zowel op de boterham als in de keuken
Klanten van Van Hoof vertellen dat ze de smout toevoegen aan hun brooddeeg of op hun boterham smeren samen met witte of bruine suiker. Ook gebruiken ze smout om de lekkerste aardappelen te bakken.
Weetje: Smout is een Vlaams woord, reuzel is de naam die men gebruikt in Nederland en die sinds 1940 ook in Vlaanderen is binnengesijpeld.
Bij een Kempense winter horen Kempense zwarte pensen. Vroeger was november de slachtmaand op de hoeves. Bij de thuisslacht van het vetgemeste varken werd alles verwerkt inclusief het bloed. Nu zijn zwarte pensen een gegeerd beenhouwersproduct en nostalgisch eetbaar erfgoed.
De Kempense zwarte pensen van Keurslager Guido Van Hoof hebben een vrij fijne en stevige structuur. De ingrediënten waaronder varkenskop, spek, ajuin gestoofd in smout, brood en boekweit worden samen gekookt en vervolgens fijngemalen. Op het laatst wordt het bloed toegevoegd en kan men de natuurdarmen afvullen en voorzichtig pocheren. Zwarte pensen zijn niet alleen heel erg lekker maar ze tonen ook aan hoe niets van het varken hoeft verloren te gaan.
Guido Van Hoof maakt ook een variant, nl. kwet, te vergelijken met balkenbrij. Het heeft dezelfde bereidingswijze als zwarte pens en wordt afgevuld in bakjes.
